Bewegen naar de toekomst

Hoofdluis

Hoofdluis

Jaarlijks krijgt zo'n 10% van de kinderen in het basisonderwijs hoofdluis. Hoofdluis is niet gevaarlijk maar wel lastig. Als u hoofdluis aantreft is dat geen reden voor paniek: u kunt er iets aan doen.

Hoe weet ik of mijn kinderen hoofdluis hebben?

Hoofdluis begint vaak met jeuk op het hoofd, maar niet altijd. Controleer door goed tussen de haren te kijken. Inspecteer vooral het haar achter de oren en in de nek. Als u het haar kamt boven papier of de wasbak, vallen de luizen op het papier of in de wasbak. Ze zijn goed zichtbaar als kleine grijsblauw of roodbruin gekleurde spikkels. Ook als u geen luizen ziet en wel grijswitte puntjes, is er waarschijnlijk sprake van hoofdluis. Die puntjes, de neten, kunnen zich ontwikkelen tot luizen.

Hoofdluis behandelen

Als een kind hoofdluis heeft, adviseren wij u om gedurende twee weken dagelijks te kammen met een netenkam. U kunt dit eventueel combineren met een middel tegen hoofdluis. Verder is het belangrijk om ook huisgenoten te controleren.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft voor u de meest gestelde vragen en de antwoorden over het bestrijden van hoofdluis verzameld in de brochure Luis in je haar? Kammen maar! (PDF, 1,71 kB).

Wat kunt u doen om de verspreiding van hoofdluis te voorkomen?

Wanneer u hoofdluis op de juiste manier aanpakt, voorkomt u dat hoofdluis een hardnekkig probleem wordt. Controleer kinderen regelmatig op hoofdluis, zodat u snel kunt ingrijpen als dat noodzakelijk is. Het is raadzaam om ook de school, de vriendjes en de clubjes van uw kind te informeren. U vermindert zo het risico dat kinderen elkaar blijven besmetten.
Voor meer informatie kunt u ook kijken op de website van het Centrum voor Jeugd en Gezin in uw buurt en ons schooleigen hoofdluisprotocol. Klik op onderstaande link.

protocol hoofdluis.pdf